Overslaan naar de hoofd content

Erik Pool

Confetti #13 (24 juni 2026) Romantiek in Venetië

Barman Enrico heeft deze week het motto ontleend aan de dagboeken van de beroemde Italiaanse schrijver Cesare Pave, geboren in zijn thuisstad Santo Stefano Belbo. Pavese hoopt dat we alle regels van wat mag en moet, van goed en kwaad en slim en dom niet te krampachtig navolgen maar ook durven spelen met de moraal en de zeden, om zo te ontdekken hoe het goede leven zich voor ons kan ontvouwen. Presentator Erik Pool reist in deze aflevering van Confetti van Santo Stefano Belbo in Piemonte naar de stad van de dromen en de romantiek: Venetië. Daar laat hij zich opvrolijken door de muziek op het San Marco-plein, de sfeer op straat, het ambacht van de maskermaker en de kunst- & cultuurschatten die zich overal tonen. Op het terrein van de internationale kunstmanifestatie Biënnale aan de oostkant van de stad spreekt hij met kunstenaar Dries Verhoeven die als Nederlandse inzending het door Rietveld ontworpen Holland-paviljoen heeft omgetoverd in een gesloten vesting. Waarom? Op welke manier laten kunstenaars ons in de spiegel kijken? In de stad gaat ook het gerucht rond dat er een kunstenaar is die strooit met rijstkorrels van puur goud. Is dat een fabeltje of gebeurt dat echt? Erik zoekt het uit.

Motto van de week:
‘Het is een kunst de dingen zo te laten gebeuren dat de zonde die we bedrijven in ons geweten een deugd is.’
(Cesare Pavese)

Een Meesterwerk:
’The fortress / Het fort’ van Dries Verhoeven.
Het Rietveld-paviljoen wordt elk uur afgesloten voor een confronterend performance voor honderd bezoekers. Verhoeven kiest als passende muziek voor de wereldberoemde track van Gavin Bryars ‘Jesus blood never failed me yet’ in de versie van Tom Waits.

De kraakplaat:
Van de LP ‘…e fu subito’ van Charles Aznavour het nummer: Com’e’ triste Venezia (Que c’est triste Venise). De oude glorie van Venetie wordt bezongen door Charles Aznavour, in het Italiaans, op een tweede hands vinylplaat die werd gevonden op de antiekmarkt van Santo Stefano Belbo.