Het is mooi dat vanwege het interview dat Castor van Dillen voor het regionale dagblad ‘De Stentor’ maakte, op de website een mooi gesprek op gang komt over de rol van ambtenaren en over het functioneren van de overheid (vanaf 4 januari 2025 online, op 5 januari 2025 staat het interview in de moedereditie van de papieren krant).
Er worden belangrijke vragen gesteld en serieuze standpunten ingenomen. En ook een paar onzinnige beweringen gedaan. Dat vertelt veel over de manier waarop mensen / lezers denken en kijken naar ambtenaren, politiek en bestuur. Daarom reageer ik graag uitgebreid op deze reacties en licht mijn uitspraken in het interview verder toe of onderbouw ze beter.
Op een andere pagina geef ik meer uitleg over het artikel in De Stentor.
Op 24 januari ben ik vanaf 14 uur in boekhandel Van der Velde in de Broeren (Zwolle) om met jou en anderen hierover in gesprek te gaan.
@Andre Eggerding stelt terecht dat ambtenaren hun eigen politieke opvattingen ondergeschikt moeten maken aan het beleid dat de politiek wil.
- In mijn visie (zie mijn boek Erewoord) moeten ambtenaren (ook volgens hun ambtseed) in de eerste plaats handelen binnen de kaders van de wet en de rechtsstaat.
- Op de tweede plaats moeten ze bij alles wat ze doen de effecten op het leven van burgers goed in de gaten houden.
- En op de derde plaats moeten ze loyaal zijn aan de organisatie waar ze in dienst zijn (een gemeente, of een waterschap, of de belastingdienst).
Deze staan ook wat mij betreft in deze volgorde: het eerste punt gaat boven het tweede en die weer boven het derde punt.
@Hendrik van Tol wijst op het groeiend aantal ambtenaren. Dat is de laatste jaren inderdaad fors geweest. Ook dat is een onderwerp waar de politiek over gaat. Kabinet Schoof heeft besloten dat er minder rijksambtenaren moeten zijn. Daar is ook echt iets voor te zeggen, maar de verwachtingen moeten niet overdreven worden.
- Belangrijk is het om te begrijpen dat het aantal inwoners groeit en de overheid dus voor meer mensen de zaken goed moet regelen.
- Mensen verwachten heel veel oplossingen van de overheid (meer huizen bouwen, stikstof en landbouw goed organiseren, de energiekosten laag houden, genoeg agenten om de straten veilig te houden, een betere zorg voor kinderen die geen veilig thuis hebben, sterke lobby namens Nederland in Brussel, het leger goed organiseren, de wegen en bruggen veilig maken en achterstallig onderhoud wegwerken, et cetera). Dat is letterlijk een bak met werk dat bij wijze van spreken het liefst ‘dit jaar’ of ‘onder het nieuwe college van burgemeester en wethouders’ gedaan moet worden. Daar zijn ambtenaren voor nodig, en bij veel onderwerpen méér ambtenaren.
- De meeste ambtenaren werken direct in de dienstverlening voor burgers (aan loketten, voor subsidies, studiebeurzen, toeslagen, wegaanleg en onderhoud, groenvoorzieningen, enzovoort). Een heel klein deel van het ambtenarencorps maakt beleid op het stadhuis, bij de provincie of in de ministeries. Als we ‘miljarden’ willen bezuinigen op ambtenaren, kan dat niet door ‘beleidsmakers’ te ontslaan (wat overigens ook niet ‘gratis’ kan, gelukkig hebben werknemers rechten in ons land), dan zullen mensen dat direct geen merken in de service en ondersteuning in het dagelijks leven van mensen, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties. Daar gaat ook het volgende punt over.
@Ad Philipsen noemt als belangrijkste zorg dat de overheid er te weinig voor burgers was. Daar heeft de overheid inderdaad ernstig gefaald. De staatscommissie rechtsstaat (2024) noemt dat ‘de gebroken belofte van de rechtsstaat’. Dat is ook de kern van mijn betoog in ‘Erewoord’. Die kritiek moeten natuurlijk politici zich aantrekken, maar ook ambtenaren zijn daar mede-verantwoordelijk voor. Daarom vind ik dat ambtenaren de effecten van hun plannen en handelingen altijd moeten beoordelen vanuit de vraag wat dit voor gewone mensen betekent. Daarom is dat, ná werken binnen de regels, het belangrijkst.
@Michael van der Schaats stelt: als je voor de democratie bent dan moet je toch ook accepteren dat populisten het in de politiek voor het zeggen kunnen krijgen? Dat is inderdaad waar en ook het moeilijkste punt in mijn betoog. Het probleem is alleen dat (een deel van) het populisme nou precies die democratie wil ondermijnen en afschaffen. Daar waarschuw ik tegen en ben ik heel streng op. Het bestuur van stad en land is kapot voor je er erg in hebt. Instituten als de rechtelijke macht, Raad van State, onafhankelijke journalistiek en vakkundige ambtenaren zijn de vangrails die voorkomt dan de boel uit de bocht vliegt. Dat gevaar is er niet alleen in theorie, ik heb dat van binnenuit de overheid gezien. Misschien ben ik er daarom ook veel scherper op dan de meeste mensen, ook in mijn vriendenkring en familie. Het is een sluipend proces, het begint klein en onschuldig maar dijt uit naar iets wat onomkeerbaar is. Wie op dat moment de noodklok luidt kan gemakkelijk met voorbeelden komen, maar ja – dan is het al te laat. Dat is nu precies het hele punt. We moeten als het ware overdreven scherp en streng reageren op de kleinste signalen en voorbeelden. Dan kun je voorkomen dat je straks te laat bent.
@Gerrit de Goeij stelt terecht dat een ambtenaar een minister moet dienen (overigens niet de persoon die er toevallig zit, maar ‘het ambt van de minister’, leerde Herman Tjeenk Willink me) “maar ook behoeden voor domme fouten”. Het komt inderdaad nogal eens voor dat een minister of wethouder iets wil wat niet kan. Of in het verleden al eens mislukt is en grote problemen heeft veroorzaakt. Of gewoon verboden is. Of voor bijvoorbeeld de mensen in een bepaalde wijk of een bepaalde groep woningzoekenden desastreus uitpakt. Al die dingen kan een politicus/bestuurder niet zelf weten en onthouden, daar zijn ambtenaren voor. En die hebben soms extra hulp nodig om tegen hun politieke ‘baas’ in te gaan – want dat is echt niet gemakkelijk.
@Henk Puts stelt dat partijen die (al dan niet voorafgaand aan de verkiezingen) zeggen dat ze niet met andere partijen willen samenwerken, niet zouden luisteren ‘naar de wil van het volk’. Dat is niet waar. Bijvoorbeeld: de PVV is heel lang buiten de regering gehouden maar de meeste partijen zijn wel strenger geworden voor migranten. Er is dus wel degelijk geluisterd. En ‘dé wil van het volk’ bestaat niet: er zijn groepen mensen die iets graag willen, natuurlijk, maar er zijn ook groepen mensen die iets anders willen. In een democratie discussiëren kiezers en politici over de beste plannen en maken dan afspraken hoe die in praktijk gebracht moeten worden. Dan is er altijd een deel van ‘het volk’ dat liever iets anders wil.
@Fomo Brood en @Pieter van Boxtel beginnen met een sterk punt: het is ongepast voor een ambtenaar om politiek te bedrijven. Helemaal eens! Maar het is gevaarlijk als je denkt dat dit principe betekent dat een ambtenaar elke (!) opdracht blind moet uitvoeren. Dan zouden ambtenaren voortdurend belastinggeld verspillen aan hele domme en onuitvoerbare opdrachten van (onervaren of roekeloze of gewetenloze) wethouders, provinciebestuurders en ministers. Bovendien doen ambtenaren veel meer dan letterlijk wordt opgedragen: als ze daarmee stoppen zou het land stilvallen. Letterlijk.
@Andre van Rossum vindt het populisme logisch na 25 jaar neoliberalisme. Dat is terecht. Oorspronkelijk stond het liberalisme voor een vrij en goed leven van alle burgers, met bescherming van belangrijke waarden. Het neoliberalisme is ‘marktdenken’ vanuit het idee dat ondernemerschap altijd, op alle terreinen, een zegen zou zijn. Dat is een valse belofte gebleken. De PVV heeft dat in de zorg aan de kaak gesteld, net als SP& GL/PvdA. De overheid is geen bedrijf maar vergt waardengedreven bestuur.
@Micha van Buuren en @Meeuwsen (schoonfamilie ;-)) dank ik voor de ondersteunende berichten. Jullie hebben groot gelijk dat de waarheid een betrouwbare ondergrond biedt voor, zo zou ik daaraan toevoegen, goed samenleven en goed bestuur. Op leugens, nepnieuws, halve waarheden, valse beloften, feitelijke onjuistheden kun je niks bouwen. Dat is drijfzand, een modderpoel. Met manipulatie van de beeldvorming boeken populisten hun electorale winst. Leuk voor hun populariteit, slecht voor de rest, voor ons allemaal.
@Jozef Seegers is scherp door het functioneren van ambtenaren in verband te brengen met de organisatie en de structuren waarin zij werken. Dat ‘smoort het vakkundige geluid’ inderdaad. Daarom heb ik in ‘Erewoord’ mijn best gedaan de ethiek van ambtenaren niet te versmallen tot een individuele kwestie maar te verbinden met ‘organisatieleren’. Ik bepleit een dialoogcultuur en beschrijf hoe dat die langs vier wegen ontwikkeld kan ontstaan. Verdiepende uitleg vind je op een andere pagina.
Als je in dit soort vragen en antwoorden bent geïnteresseerd, is ook het laatste hoofdstuk (9) uit Ererwoord interessant. Vooraf § 9.2: daar bespreek ik vier gevaarlijke vergissingen (over rechten en plichten van ambtenaren) en geef bij elk ervan een weerwoord.